Templates en taalbestanden
De applicatie maakt gebruik van een User Interface taal en een presentatiestijl. De presentatiestijl is een combinatie van een DWG template voor de stijlen, lagen en symbolen, en een taalbestand waarin de uitvoertaal, instellingen, projecties en banden beheerd worden. De presentatiestijl kan in een andere taal zijn ingesteld dan de User Interface.
Via de instellingen kan een presentatiestijl worden geselecteerd of gewijzigd.
.png)
Het is mogelijk om de gekozen presentatiestijl te wijzigen, een kopie ervan te wijzigen of te verwijderen. Als een meegeleverde presentatiestijl wordt gewijzigd, dan worden de oorspronkelijke gegevens gekopieerd naar de configuratiebestanden locatie. Als een kopie wordt gewijzigd dan wordt gevraagd om een nieuwe naam op te geven. Een nieuw dialoogvenster verschijnt.
Vertaling
.png)
In dit tabblad is het mogelijk om uitvoerteksten aan te passen.
Instellingen
.png)
Dit tabblad bevat invoer- en keuzevelden om voor diverse onderdelen een naam of een stijl te kiezen. Stijlen en laagnamen worden uit de bijbehorende DWG template gehaald en kunnen daar eventueel worden aangepast.
Projecties
.png)
Een projectiestijl bestaat uit een deel van de laagnaam, een omschrijving, een hoogtecorrectie en een symbool. Zodra in een later stadium een projectie wordt toegevoegd aan het lengteprofiel, dan wordt gekeken naar de laagnaam van het gekozen object om te zien of er een standaard omschrijving, hoogtecorrectie of symbool toegepast kan worden voor dat te projecteren object.
Met de plus-toets kan een nieuwe projectiestijl worden toegevoegd, met het kruisje kan de geselecteerde projectiestijl worden verwijderd.
.png)
Bij het toevoegen wordt een lijst met beschikbare laagnamen getoond zodat gekeken kan worden op welke laagdeel gezocht kan worden. De symbolen kunnen gefilterd worden op het filterzoekwoord, zodat een eenvoudige lijst getoond wordt. Het is evengoed mogelijk om een volledige lijst met beschikbare symbolen te tonen.
Hoogtecorrectie dient met een negatieve waarde te worden ingevoerd om onder het maaiveld geplaatst te worden. Op deze manier kan bijvoorbeeld een kabel of leiding op een default diepte worden gelegd als er geen werkelijke diepte bekend is.
Banden
.png)
Op het tabblad 'Banden' kan een BandSet worden samengesteld die onder het lengteprofiel wordt geplaatst. Bands kunnen worden toegevoegd, verwijderd, op een andere wijze worden gesorteerd of als BandSet worden geëxporteerd of geïmporteerd.
Template
In de configuratiebestanden locatie wordt de gewijzigde of nieuwe presentatiestijl opgeslagen als XML bestand en een bijbehorende DWG template. Deze is te openen in Civil 3D waarna symbolen, lagen en Civil 3D stijlen aangepast of toegevoegd kunnen worden.
.png)
|
Drill Control v8.1 |
ARKANCE © 2024 |
